Capitalism, a love story
Verenigde Staten, 2009, kleur, 120 minuten, scenario en regie: Michael Moore.



Je kon erop wachten. De kredietcrisis was koren op de molen voor Michael Moore. Capitalism: a love story gaat over de ineenstorting van het kapitalisme. Dat de documentaire in het kapitalistische land bij uitstek – Amerika - een lauwe ontvangst kreeg is niet verbazingwekkend. Toch is de film niet minder dan zijn voorgangers, zoals de Oscarwinnaar Bowling for Columbine (2002), waarin Moore de Amerikaanse wapenfetisj herleidt tot een racistisch angstcomplex. Of Gouden Palm-winnaar Fahrenheit 9/11 (2004), waarin hij de regering Bush aanwrijft de aanslag op de Twin Towers te misbruiken om een door oliebelangen gedreven invasie in Irak door te drukken. Of Sicko (2007), waarin hij de onmenselijke hebzucht van de Amerikaanse zorgverzekeraars hekelt.
In Capitalism: a love story keert Moore terug naar zijn geboorteplaats Flint. Daar maakte hij in 1989 zijn eerste spraakmakende documentaire, Roger and Me, waarin hij liet zien hoe autogigant General Motors deze plaats verliet, waardoor de stad met dertigduizend banen minder gedoemd was weg te roesten. In Capitalism: a love story stelt Moore dat inmiddels heel Amerika is ‘geflintificeerd’. De documentaire is een sardonisch, maar ook een verontwaardigd commentaar op, let wel, de excessen van het kapitalisme. Middenklasse gezinnen, die genoeg geld hadden om rustig met pensioen te gaan, maar die door banken via de kleine lettertjes van een tweede of derde hypotheek alle geld en vervolgens hun huis werd afgenomen. Bedrijven die zonder medeweten van werknemers via een verzekering speculeren op hun vroegtijdig overlijden – de dead peasant insurance – en eraan verdienen zonder dat de nabestaanden geld krijgen. Tegelijk worden exorbitante bonussen uitgekeerd kort nadat de Amerikaanse overheid vele miljarden aan de banken heeft geleend om de crisis te boven te komen. Een gebeurtenis die volgens sommige politici in de film niks minder dan een financiële staatsgreep was. Vast staat dat het kapitalisme, ondanks alle mogelijke nuances die je bij het verhaal van Moore kunt maken, moreel failliet is. Michael Moore weet precies hoe hij zijn verhaal moet vertellen om ons te overtuigen. Hij komt voor gesloten deuren te staan, roept dat ze ‘ons geld ’terug moeten geven, gebruikt komische televisiefragmenten om te laten zien hoe verziekt de financiële cultuur is geraakt. Moore’s belangrijkste stelling in de documentaire is dat kapitalisme niet de vrije keuze en een onderlinge concurrentie bevordert, ook al waren dat ooit gezonde ideale uitgangspunten, maar dat het de ongebreidelde hebzucht bevordert. (BN)